Tekst toespraak boekpresentatie

Lieve mensen,

Van harte welkom. Het is voor mij een bijzonder moment om samen met jullie de geboorte van mijn boek te vieren op deze prachtige locatie te midden van de natuur.

Ik herinner mij de eerste keer, 7 jaar geleden, toen ik hier aan de overkant van de tuin stond en de Oranjerie in volle glorie in het avondlicht zag. Ik dacht: oh, dit is mooi, dat is net een sprookje. En zoals menigeen weet ben ik dol op sprookjes. Ik dacht: wow, je zult hier toch een feest geven. Zoiets leek mij alleen maar weggelegd voor de happy few. Maar het idee was geboren en begon in mij te leven, zodat ik op een gegeven moment dacht: hoezo, alleen maar voor de happy few: ik ben de happy few.

Vanaf dat moment was dit feest er in de geest al, het moest alleen nog vorm gegeven worden. Het meest bijzondere is dan dat je uiteindelijk na al die jaren dat je het feest al hebt gezien en gevoeld, ook daadwerkelijk in de gelegenheid bent om het vorm te gaan geven. Zodat je niet meer daarbuiten staat en in gedachten kijkt naar het feest dat je zult gaan geven, maar nu hierbinnen staat en kijkt naar het feest dat je geeft.

Koos heeft daarnet al verteld hoe deze omgeving in de afgelopen jaren een rol heeft gespeeld in ons leven, maar er is nog iets wat deze plek voor mij heel speciaal maakt. Dat komt namelijk door de Lelietjes der Dalen.

Ooit, lang geleden in mijn jeugd, toen ik na een ongeluk in het ziekenhuis lag, had ik de ervaring een Lelietje der Dalen te zijn. Te midden van een groot veld met Lelietjes der Dalen, was ik één van hen, sprak hun taal en hoorde hun muziek. Het was een ervaring van pure eenheid, van ‘er Zijn’. Je bent op je plek en je bent zoals je bent. Vanaf dat moment zijn de Lelietjes der Dalen mijn bloemen.

Ze groeien over het algemeen in het wild, op donkere plaatsen onder de bomen. Ooit heb ik ze zelf, met wisselend succes, in verschillende tuinen geplant, maar vanaf het moment van mijn ervaring ben ik ze nooit meer in het wild tegengekomen.

Tot 7 jaar geleden. Zoals menigeen weet trek ik mij bijna ieder jaar een aantal weken in mijn eentje terug in de caravan. In april 2003 kwam ik dus op camping Warnsborn terecht. Vanwege de renovatie van ons huis zat ik thuis niet goed op mijn plek. Aan de andere kant had ik na de herinnering aan mijn bijnadoodervaring zoveel moeite met het integreren van de ervaring in mijn leven dat ik voelde dat ik überhaupt niet goed op mijn plek was.

De eerste avond op de camping besluit ik al wandelend de omgeving te gaan verkennen. Dus ik loop hier langs de Oranjerie en even verderop wordt mijn blik ineens sterk naar rechts getrokken. Het was toen nog veel meer begroeid dan nu en tussen het struikgewas schemert een groene plek waarvan ik voel dat ik daarheen moet. Niet wetende dat verderop een pad naar rechts zou lopen, wurm ik mij door de struiken heen en tot mijn grote verrassing sta ik oog in oog met de Lelietjes der Dalen. Een grote plek met drie bomen, waaronder de Lelietjes bloeien. Later blijken verderop nog twee plekken te zijn waar deze bloemen bloeien, maar deze plek is de grootste.

Als ik daar sta, raak ik zeer ontroerd. Het voelt als een teken en een belofte dat ik een periode van moeite en verdriet zal afsluiten en die een nieuwe periode aankondigt waarin ik hoe dan ook op mijn plek zal komen.

Een paar dagen later, op Koninginnedag, wandelen Koos en ik ’s morgens vroeg door het bos en laat ik hem de plek met de Lelietjes zien. De rest van die dag zal de regen met bakken uit de hemel vallen. Later op de middag besluiten we, nadat we vanwege de regen al uren in de caravan hebben gezeten, om er nog maar even op uit te gaan. Aangezien we toch nog een boodschap nodig hebben, wordt het HET ‘Koninginnedaguitstapje’ . Naar de Gamma en de Praxis.

Het eerste wat ik zie als ik de Praxis binnenkom, is een grote standaard met het tijdschrift ‘Buiten’, waar een grote foto voorop staat van de Lelietjes der Dalen. Ik vind het zo treffend dat ik het blad koop. Er staat een mooie reportage in over de Lelietjes der Dalen, waarin men o.a. het volgende schrijft: Met hun bloei in het voorjaar verdrijven lelietjes der dalen het verdriet en kondigen de terugkeer aan van het geluk. Ik herken mijzelf.

Het Lelietje der Dalen is de bloem van Saint Léonard. Hij trok zich terug in een klooster om daar te mediteren en te zoeken naar zielenrust. Ah, herkenning. Een legende vertelt dat zijn rust verstoord werd door een draak. Er volgde een wild gevecht en uit iedere bloeddruppel die Saint Léonard verloor, ontstond een kelkje van de Lelietjes der Dalen. Door zijn kleur, geur en uitzonderlijke vorm is de bloem bij uitstek hét symbool van reinheid en ontroering. Bij graven vindt men de Lelietjes ook als symbool van Christus als brenger van het heil en het evangelie.

Het was op 1 mei 1561 dat koning Charles IX  de traditie begon om anderen Lelietjes der dalen te schenken als symbool van geluk. En sinds 1907 is dit gebruik gekoppeld aan de dag van de arbeid. In het huidige Frankrijk is het traditie gebleven om elkaar op deze dag een paar, met geurende klokjes bedekte takjes aan te bieden, als teken van geluk. Vaak als boeketje van drie takjes.

Ik vond het zo’n mooie symboliek en ik dacht: ach, morgen is het 1 mei en dan ontmoet ik Maurice. Hij is mij zeer dierbaar. Dus ik de volgende ochtend naar het bos om drie takjes te plukken (volgens de regels mag dat natuurlijk niet, maar ik heb het eerst netjes aan de Lelietjes gevraagd en natuurlijk zeiden ze: ja) Die middag heb ik Maurice het boeketje gegeven met dit verhaal erbij.

Het is 7 jaar later, Koninginnedag 2010. Het weer lijkt aardig en Koos en ik besluiten die dag naar de Levenstuinen in Teuge te gaan. Tegen de tijd dat we daar aankomen, is het weer omgeslagen naar koud en guur. In de wetenschap dat er cappucino en taart op ons wacht,  beperken we ons tot een bezoek aan de Tuin van de Smaak.

In het Theehuis van de Levenstuinen ligt op de tafel het boek De tuin van de profeet van Kahlil Gibran opengeslagen bij 30 april. Daar staat geschreven:

Als mijn woorden niet tot je doordringen, wacht dan tot een volgende dageraad. Als je deze steen vervloekt omdat je er in je blindheid over struikelt, zou je ook de ster vervloeken als je hoofd hem in de lucht zou ontmoeten. Maar de dag komt dat je stenen en sterren verzamelt zoals een kind lelietjes-van-dalen plukt, en dan weet je dat alles leeft en geurt.’

’s Middags ga ik Lelietjes der Dalen plukken bij de Warnsborn voor Maurice en voor mijzelf, want de dag erna, 1 mei, tekenen Maurice en ik het contract voor ons boek Verdwaald Verlangen – Een zoektocht naar de hemel op aarde.

Het ondertekenen van het contract was een bijzonder moment, waarbij ik datgene wat ik in de afgelopen jaren met Maurice gedeeld heb, in de toekomst ga zetten. Vanuit een open hart heb ik geschreven over mijn reis van persoonlijke groei en spirituele ontwikkeling die ik, mede door mijn bijnadoodervaring, ben gegaan.

Als ik dan de Lelietjes der Dalen hier naast mij op tafel zie staan en bedenk dat ze vanwege hun vorm ook wel Ladders to Heaven, de ladder naar de hemel, worden genoemd, dan vind ik dat in het licht van mijn persoonlijk ervaring wel een hele mooie symboliek.

Het getal 7 wat ik al noemde, is een symbolisch getal, wat ik ook beschrijf in mijn boek. Het staat symbool voor de heelheid van de mens, getuige de uitdrukking: ‘ik voel mij in de zevende hemel’. Het geeft de voltooiing van een werkzaamheid aan, zoals we dat symbolisch ook zien in de 7e scheppingsdag. Het getal 7 staat voor de stap die je zet binnen je ontwikkeling.

Gezien het feit dat er in ieder 7e jaar van mijn leven op de een of andere manier een verandering  plaatsvond die een volgende fase inluidde, wil ik jullie in dat licht gezien een bijzondere gebeurtenis vertellen die mij in 2003 overkwam.

Zeven jaar geleden had ik in de nacht van een vroege zondagochtend een visioen. Ik zag het volgende:

In het donker begint het lichter te worden tot aan de schemering. De schemer omhult mij met warmte en rust. Er is vrede. Voor mij verschijnt in gedrukte vorm een vierregelige boodschap. Ik lees de boodschap meerdere malen, terwijl tegelijkertijd een stem de boodschap voorleest. Dan verdwijnt de boodschap en de stem zwijgt.

Het enige wat ik mij dan nog van de boodschap kan herinneren is het getal 2010 en het feit dat het met heel veel mensen te maken heeft. Ik begrijp het niet helemaal. Ik zeg dat ik mij de rest van de boodschap niet meer kan herinneren en vraag of ik de boodschap nog een keer mag zien en horen.

Dat gebeurt niet, maar in plaats daarvan verschijnt er in de schemer een krans van gevlochten takjes en blaadjes. Mijn eerste gedachte is: het is de doornenkroon van Jezus, die hij droeg toen hij stierf. En ik vraag: ‘Ga ik sterven in het jaar 2010? En die vele mensen dan?’ Toen Jezus stierf had dat met veel mensen te maken. Het is een groots en allesbeslissend gebeuren in de ontwikkeling van mens en aarde geweest. In de kruisiging zien we de vernietiging van de afgescheidenheid van ons bestaan en het terugkeren in de eenheid van alle dingen. En ik vraag: ‘Heeft het te maken met de geboorte van de Christusgeest in mij en in zoveel mensen? Gebeurt er iets in het jaar 2010?’

Dan wordt de krans duidelijk zichtbaar. De krans zit vol met frisse, groene blaadjes van de eikenboom en daartussen hangen allemaal eikels. En de stem zegt: ‘Dan zal het vrucht dragen’.

We leven in een bijzondere tijd, een overgangstijd. In deze tijd van grote veranderingen, waarin alles zich vaak lijkt voort te bewegen in een enorme stroomversnelling, staan we voor een radicale omwenteling. Er vindt een groot ontwaken plaats, het ontwaken van het Christusbewustzijn. Steeds meer mensen komen tot het besef wie en wat ze werkelijk zijn. We zijn op weg naar het licht, anders gezegd: we zijn onderweg van onbewust leven naar totaal bewustzijn, zodat ieder mag ervaren dat wij één groot geheel vormen, waarin ieder zijn of haar eigen unieke plek heeft. De zoektocht naar de hemel op aarde is in volle gang.

Op het moment dat ik het visioen kreeg, was ik al bezig met het schrijven van dit boek. Ik heb toen gezegd: Als dit een toekomstvisioen is, en als dit boek een bijdrage mag leveren aan de bewustwording en spirituele ontwikkeling van mensen, dan zal het in het jaar 2010 vrucht gaan dragen.

Vanaf dat moment heb ik het visioen naast mij neergelegd en ben verder gegaan. Eerlijk gezegd heb ik al die jaren nauwelijks meer aan het visioen gedacht. Menigmaal in de afgelopen jaren had ik het idee dat het boek zijn voltooiing naderde. Maar iedere keer gebeurde er iets in mijn leven waardoor het toch weer anders liep.

Uiteindelijk kwam in december 2009 het moment waarop ik het manuscript naar een uitgever stuurde. Er kwam een positieve reactie en eind februari was er een eerste persoonlijk contact met uitgever Raymond van der Knaap. Op de vraag: ‘Als het tot een contract komt, wanneer denk jij dat het boek dan zal verschijnen?’, antwoordde hij: Ik denk dat het oktober zal worden. Aha! Oktober 2010. Dan zal het vrucht dragen. Daar was het visioen. Aldus geschiede.

Een paar maanden geleden nodigde Maria Leeuwrik Nieborg mij uit om n.a.v. het verschijnen van het boek een lezing te komen geven bij het Wijks Spiritueel Trefpunt in Wijk bij Duurstede. Dit zou dan de eerste openbare presentatie worden. Toen Maria mij het bericht stuurde: ‘Het wordt 12 oktober’, was zij zich mogelijk niet bewust hoezeer zij op dat moment een werktuig in Gods handen was. Ik had het visioen namelijk 7 jaar geleden op 12 oktober. Voor mij wordt de profetie vervuld. Het leven is een perfect geregisseerd plan. Steeds laat de kosmos mij iets zien van de perfecte samenhang der dingen.

Dit boek is een schepping, die vorm heeft gekregen door jaren van innerlijke transformatie heen. Toen ik ruim 13 jaar geleden bij Maurice Oosterhof, een mental coach, naar binnen stapte om aan mijzelf te gaan werken, had ik niet kunnen vermoeden dat dit er achter weg zou komen.

Het boek dat ik nu in handen heb, is als het ware de vrucht aan de boom die geplant is toen wij geboren zijn. We hadden beiden ingrijpende ervaringen in het leven nodig die ons brachten op het pad van persoonlijke ontwikkeling en spirituele groei.

Op het moment dat wij elkaar ontmoetten, waren wij ons niet bewust dat wij in de geest de afspraak hadden gemaakt om samen dit boek te schrijven. Onze ontmoeting als cliënt en coach was onderdeel van het plan. Vanuit deze gevoelsmatige ontmoeting kwam gaandeweg bij ons beiden de wens om een boek te schrijven tot leven.

Na de herinnering aan mijn uitstapje naar de hemel, voelde ik sterk de behoefte om mijn ervaring, mijn innerlijke proces en datgene wat zich vanuit mijn innerlijk weten openbaarde op te schrijven. Niet vanuit de gedachte om er een boek van te maken, maar gewoon voor mijzelf, als een soort therapie.

Gaandeweg ontstond de droom er een boek van te maken. Ik wilde graag de beleving van mijn bijnadoodervaring delen, die ook voor anderen betekenis zou kunnen hebben. Ik wilde de boodschap van onvoorwaardelijke liefde uitdragen, zodat mensen aangeraakt worden en zich bewust worden van hun goddelijke essentie.

Daarnaast bood de informatie die ik via Maurice kreeg waardevolle ondersteuning bij het integreren van de bijnadoodervaring in mijn leven en mijn innerlijke transformatieproces. Het was zo verweven met mijn verhaal en met de inzichten die zich vanuit mijn innerlijk weten openbaarden, dat ik ook die informatie wilde verwerken in het boek.

Maurice wist dat ik dingen opschreef, maar ook niet meer dan dat. Het enige dat ik hem een keer had voorgelezen was mijn bijnadoodervaring. Daarvan was hij erg onder de indruk. Ik had mijn droom om een boek te schrijven nog niet aan Maurice voorgelegd, toen hij mij zijn droom vertelde. Vanuit de behoefte mensen een beter leven te geven, wilde hij de inzichten, die hij in de loop der jaren had opgedaan als mental coach, graag breder uitdragen.

Toen hij mij de vraag stelde: Tetty, zou jij, wat ik je hier vertel, zo op papier kunnen krijgen… jij met jouw ervaring…toen kwamen onze dromen samen, om een boodschap neer te leggen bij de mensen die getuigt van hoop, inzicht, die persoonlijke groei en spirituele ontwikkeling beoogt.

Verdwaald verlangen schetst een weg van bewustwording en zelfinzicht, waar vrijheid en heelheid uiteindelijk in de plaats komen van angst en pijn. De weergave van dit proces is een wisselwerking tussen dialoog, gedachten en bespiegelingen.

Mijn hele leven, als kind al, had ik een onbestemd verlangen, wat mij verdriet gaf, omdat ik altijd het gevoel had, dat ik wat miste. Gaandeweg mijn innerlijke reis werd ik mij bewust wat ik miste. Ik miste mijzelf. Ik liep als het ware verdwaald rond met mijn ziel onder mijn arm.

We zijn geboren met een innerlijk besef van wie we zijn en wat ons doel is, maar net zoals ik zijn velen het vergeten. Je kunt jezelf niet vinden en belandt op een zijspoor. Voortdurend loop je tegen jezelf aan, maar je herkent jezelf niet.

Wie ben je? Het antwoord dat veel mensen als eerste geven op die vraag, is het noemen van hun naam. Sommige mensen identificeren zich met hun lichaam en weer anderen, de meeste anderen als je doorvraagt, proberen te omschrijven wie zij zijn door wat ze doen. Aan al deze dingen ontleent menigeen zijn identiteit. Wat je doet en hoe je heet is natuurlijk niet hetzelfde als wie je bent. Ik vroeg mij altijd af: Als alles op het moment van de dood van mij afgenomen wordt, weet ik dan nog wie ik werkelijk ben? Ik wist niet wie ik was.

In dit boek ga ik als hoofdpersoon op zoek naar mijzelf. Deze zoektocht, die leidt tot spiritueel bewustzijn, voert door het landschap van mijn leven, voor en na mijn bijnadoodervaring.

In deel 1 beschrijf ik het toneel waarop mijn leven zich afspeelt, zowel op fysiek als zielsniveau. Ik typeer mijn persoonlijkheid en geef een kijkje in mijn gevoelswereld, waarin mijn denken en mijn omgeving een grote rol spelen. Door mijn leven heen loopt de rode draad van angst, die zich uit in fobische klachten, en pijn, waar het etiket fibromyalgie op wordt geplakt. Ik vertel openhartig over deze grote schaduwen op mijn weg, die mij het zicht op mijzelf en op het leven dat voor mij ligt ontnemen.

Ik maak duidelijk dat ik oplossingen zoek om mijn fysieke pijn te lenigen die mij vervolgens brengt naar mijn zielepijn. In mijn zoektocht loop ik voortdurend tegen mijzelf aan, maar ik herken mijzelf niet en zodoende sta ik mijzelf steeds in de weg. Ik struikel steeds meer over het feit dat ik voel vanuit mijn denken in plaats van dat ik denk vanuit mijn voelen. Op een dood punt in mijn leven aangekomen, word ik mij voorzichtig bewust van de tekens op mijn pad die mij uiteindelijk doen besluiten de stap te zetten die mijn leven een andere wending zal geven.

In deel 2 luidt de ontmoeting met Maurice het begin in van een innerlijke reis, waarin ik twijfels en vragen opwerp en naar antwoorden zoek. Aan de hand van de gesprekken met Maurice beschrijf ik mijn groei naar een ruimer bewustzijn en begrip, van waaruit ik anders leer kijken naar wat er in het leven gebeurt en van waaruit ik mijn ontwikkeling kan plaatsen.

Door de confrontatie met mijzelf en de weg van zelfinzicht te gaan, vindt de ontmaskering plaats van degene die ik dacht te zijn. Om werkelijk verbinding te maken met mijzelf en de ander moet ik een andere taal leren spreken. De taal van het hart. Ik moet gaan voelen. Voelen is een activiteit van de ziel. Voelen is de weg naar binnen. Het brengt mij dichter bij de waarheid over wie ik ben dan denken. De verbinding tussen denken en voelen geeft steeds meer herkenning en uiteindelijk komen vorm en inhoud bij elkaar. Ik kom in het hart van mijzelf. Daar vindt de reis naar het land van herkomst plaats en kom ik thuis in mijzelf.

Ik herinner mij mijn hemelse ervaring die ik had tijdens de operatieve ingreep na mijn miskraam. Een ervaring die ik zo lang, heel diep weggestopt heb uit angst geconfronteerd te worden met een voor mij harde werkelijkheid, waarin niet erkend wordt wat ik daar heb gevonden.

In deel 3 neem ik de lezer mee op mijn uitstapje naar hoe de hemel er voor mij uitziet, naar de wereld van onvoorwaardelijke liefde. De ervaring van mijzelf met het goddelijke herinnert mij aan wie wij ten diepste zijn. Lichtdragers. We dragen het goddelijke in ons. Dat is ons ware wezen. Ik vertel over de helende kracht van deze ervaring en hoe deze “her-innering” aan mijn onstoffelijke oorsprong, mijn “Zelf”-bewustzijn doet ontwaken en mij op een nieuw spoor zet. Ik word opnieuw geboren.

Na dit keerpunt in mijn leven is in deel 4 mijn bijnadoodervaring het voertuig waarmee ik verder reis. Maurice begeleidt en ondersteunt mij bij het integreren van de bijnadoodervaring in mijn leven, zodat de ervaring niet een op zichzelf staand gebeuren blijft, een prachtige belevenis waar ik naar blijf verlangen of waar ik in zou kunnen blijven hangen, maar waarin ik steeds meer inzicht krijg in de waarde en de betekenis die het voor mijn leven heeft en hoe die te gebruiken.

Aan de hand van de uitleg, de emotionele confrontatie en het feitelijke begrip ervan leer ik anders kijken naar dat wat ik heb meegemaakt en hoe ik het vervolgens ervaar. Ik krijg steeds meer inzicht in mijn denken en hoe mijn denken zich uitdrukt. Gaandeweg word ik mij bewust van de rol van fibromyalgie en angst in mijn leven en de functie die het heeft.

Door alle informatie die ik heb gekregen, ben ik als het ware de berg opgegaan en boven op de berg aangekomen overzie ik in deel 5 wat voor impact dit helende transformatieproces op meerdere terreinen van mijn leven heeft gehad en wat het heeft betekend, nu nog. Hoe door acceptatie, hier en daar, lichaam en geest, hoofd en hart steeds meer samenkomen en hoe alles past binnen het grote plan van het Leven.

Ik ervaar dat hoe moeilijk of verdrietig het leven soms ook kan lijken, het is een perfect geregisseerd plan. Alles gebeurt precies naar de wens van het geheel en komt op de juiste tijd en de juiste plaats. Ik krijg de ervaringen die ik nodig heb voor mijn geestelijke groei, ook al is het wel eens moeilijk om daar onvoorwaardelijk “ja” tegen te zeggen en begrijp ik niet altijd de ware betekenis van wat zich aandient in mijn leven. Maar ik weet dat het zijn reden heeft en een hoger doel dient.  Als ik achter de buitenkant kijk naar de binnenkant van de dingen, kan ik een glimp opvangen van waarom dingen gebeuren zoals ze gebeuren en verandert het ‘waarom’ in een ‘daarom’.

Ik heb een miskraam gehad. Er moest eerst iets in mij sterven, opdat ik opnieuw geboren zou worden. Op geestelijk niveau is mij nieuw leven geschonken. Zo zal de vrucht die ik gedragen heb, vrucht dragen in mijn leven.

‘Werken aan mijzelf’ is de beste en mooiste investering geweest die ik in mijn leven heb gedaan. Het is de reis van mijn leven geworden. Vanuit mijn onbestemde verlangen ben ik tot mijn bestemming gekomen. Ik ben er dankbaar voor, dat ik in God Tetty mag zijn en dat ik mijn weg mag gaan met de liefde van mijn man en kinderen en zoveel anderen.

Verdwaald verlangen is niet alleen bedoeld voor mensen die een bijnadoodervaring hebben gehad en die net zoals ik een ervaring willen delen en zichzelf willen herkennen, maar ook voor al die mensen die het niet hebben gehad en die op zoek zijn naar de hemel. Ik hoop dat het boek een instrument zal zijn dat mensen inspireert tot het maken van hun eigen innerlijke reis. De reis naar je hart overbrugt iedere afstand en verbindt jou met wie je ten diepste bent.

Toen ik destijds bijkwam uit de narcose, hoorde ik zeggen: ‘Ze is weer bij bewustzijn.’ Maar het is geen kwestie van buiten bewustzijn zijn of bij bewustzijn zijn, ook al noemen we dat zo. Ik ben het bewustzijn en het bewustzijn heeft geen begin en geen einde en kan ook los van het lichaam worden ervaren. Er is een hoger, onstoffelijk verband, waarin alles met elkaar samenhangt. Je bent niet alleen maar een sterfelijk mens. Je bent degene die is, die was en zal zijn.

Aan alles komt geen eind. Het enige dat vergaat is de vorm en daar hebben wij ons veelal mee geïdentificeerd. En niet met de inhoud en de inhoud vergaat niet. Datgene wat wij in wezen zijn wordt nooit geboren en kan dus ook nooit sterven. De fysieke dood is alleen maar een overgang naar een andere staat van bewustzijn, een ontwaken in een andere dimensie, waarbij je terugkeert in de oorspronkelijke staat van Zijn.

De hemel is niet de een of andere ver verwijderde plaats in het universum. Het is een bewustzijnstoestand. Het is het innerlijk rijk van het eenheidsbewustzijn. De hemel zit in jezelf. Met andere woorden, je hoeft niet te wachten tot je dood gaat om in de hemel te komen. Je bent nooit de hemel uitgegaan, dan alleen maar in je gedachten. In wezen is er geen verschil tussen hier en daar. Alles is Eén.

Wanneer wij gaan begrijpen dat wij met elkaar een eenheid vormen en deze ook in elkaar en in onszelf gaan herkennen, zal alle energie in die eenheid door ons gevoeld worden. Leven is een proces van ver-1-niging. Met elkaar op weg naar een wereld waarin wij niet alleen gelijkwaardig zijn aan elkaar maar waarin ieder van ons uniek is. Dan zal er uiteindelijk alleen maar een ‘Zijn’ zijn. Dan zijn we feitelijk Gods hartslag.

Als je wilt zijn wie je werkelijk bent, keer je naar binnen en luister naar het verlangen van je ziel. Er zal een pad zichtbaar worden wat verlicht zal worden door het licht van je ziel, zodat je via je eigen individuele pad tot je bestemming kunt komen en de eenheid in jezelf verwerkelijkt kan worden. Het is aan ons de levende God te zijn en zo de hemel op aarde te creëren. De eeuwigheid is Nu.

Er is geen begin, er is geen einde, er is slechts de reis. Ik hoop dat de boodschap in de vorm van dit boek een instrument zal zijn dat mensen inspireert tot het maken van hun eigen reis. Dat je in de ontmoeting met jezelf je eigen levensspoor vindt in plaats van dat je leven bepaald wordt door je levensgeschiedenis. Een ieder wordt op geheel eigen wijze de Waarheid in zichzelf bewust. Je moet het zelf ont-dekken. ‘Je bent je eigen Columbus’.

Ik dank jullie van harte dat ik jullie wat beelden heb mogen laten zien van mijn reis en ik wens jullie allen in liefde en verbondenheid een hartverwarmende en inspirerende reis toe en een behouden thuiskomst in je Zelf.

Tetty


Op Weg naar je Ware Natuur gaat verder via Het Pad van de Pelgrimswww.hetpadvandepelgrims.nl